Categorie: ADHD/ADD

DPP4 en Diabetes type 2

De kans is groot dat je op deze blog bent gekomen omdat je zocht naar meer informatie over DPP4 verlagende medicatie en Diabetes. Misschien heb je deze voorgeschreven gekregen van je arts en wil je weten hoe het werkt. Dan ga ik je verbazen en hopelijk verblijden met de volgende informatie die waarschijnlijk het tegenovergestelde is van wat je arts je vertelde: Je moet DPP4 verlagen. Ik ga je haarfijn uitleggen waarom je dit juist niet moet doen!

Wat is DPP 4?

DPP4 is een enzym met meer dan 70 functies en helpt bij de afbraak van exorfinen uit gluten en caseïne. Het gaat hierbij om gliadin morfine 7 (GMP 7) en bèta casomorfine 7 (BCM7) voornamelijk uit koeienmelk type A1, ik schreef hier al eerder over het verschil tussen A1 en A2 melk.
Exorfinen zijn morfine-achtige stoffen. De exorfinen zorgen dat het immuunsysteem de wand van de dunne darm aanvalt waardoor je gevoelig wordt voor gluten. Je hebt dan geen Coeliakie, maar wel glutenintolerantie officieel noemt men dat Non-Celiac Gluten Sensitivity (NCGS).
De darmwand wordt hierdoor aangetast en er kan zich hierdoor een lekke darm ontwikkelen waardoor er verschillende ziekten zich kunnen ontwikkelen.

Als je gluten en/of caseïne eet krijg je een tevreden gevoel, je kunt hier aan verslaafd raken. Exorfinen zijn tenslotte morfinen. Dit gevoel ontstaat doordat de exorfinen zich in de hersenen aan endorfine binden. Als je veel gluten en caseïne eet, dus bijvoorbeeld veel brood, pasta, koekjes, kaas, melk krijg je veel exorfinen binnen en kunnen endorfinen uitgeput raken, de endorfine receptoren worden dan geblokkeerd en er wordt tegelijkertijd minder dopamine afgegeven. Endorfine is de stof die je zo’n prettig gevoel heeft.
Hierdoor kun je juist meer trek hebben in zoetigheid. Je wilt dat de dopamine omhoog gaat. Je kunt concentratieproblemen hebben, ADHD, autisme, schizofrenie, verslavingen, eetstoornissen en depressie doordat je teveel exorfinen hebt.

Diabetes type 2

Doordat er teveel exorfinen zijn en ga je meer eten en heb je kans op obesitas en diabetes type 2. Je verlangt vooral naar caseine, zuivel met veel vet en naar gluten, brood, koekjes, pasta en de combinatie van deze twee is funest voor je gezondheid. Doordat je veel koolhydraten en vetten binnenkrijgt kun je insulineresistent worden en kun je uiteindelijk diabetes type 2 krijgen.

 

DPP 4 en de darm

Het is dus belangrijk dat er niet teveel exorfinen in je darmen en hersenen komen. In je een gezonde dunne darm bevindt zich het dipeptidylpeptidase (DPP4), dit enzym breekt eiwitten af en wordt onder andere door de epitheelcellen in de darm gemaakt. (Ook in de alvleesklier, luchtwegen en het oorkanaal). Er zijn meerdere enzymen die eiwitten af kunnen breken, maar DPP4 is het enige enzym wat de eiwitten van gluten en caseïne af kan breken en is dus erg belangrijk. Als hier een tekort aan is, kunnen de exorfinen dus niet door een ander enzym afgebroken worden.

Tekort aan DPP 4

Zoals gezegd zorgt een tekort aan DPP4 voor een gluten en caseïne overgevoeligheid en diezelfde gluten en caseïne veroorzaken ook een tekort aan DPP 4. Dus als je tarwe, rogge, kamut, spelt en zuivel van A1 koeien blijft gebruiken, zul je nooit uit de vicieuze cirkel komen.

Bij diabetes type 2 worden ook nog wel eens DPP 4 remmers als medicatie gegeven omdat het bloedglucosegehalte dan daalt. Door deze medicatie vererger je de situatie. Door een nog verdere daling van DPP4 worden de darmen nog verder aangetast. De bijwerkingen van deze medicatie zijn darmklachten, hoofdpijn en infecties van long en luchtwegen en griep en verkoudheidsverschijnselen. Het laatste wat je wil doen in dit geval is je DPP4 verlagen.

Zorg dus dat je de oorzaak aanpakt: Wat veroorzaakt een bloedsuikerverhoging: het eten van veel koolhydraten en suikers. Dus de trek in koolhydraten moet je verlagen. En dat doe je door de darmgezondheid te verbeteren zodat het endorfine systeem niet overbelast wordt.
Dus eet geen gluten en caseïne meer en let op de volgende factoren die tevens het DPP4 enzym verlagen:

  • Dynorfinen: dit zijn opioïde peptiden(eiwitten) Het endorfinesysteem heeft 3 soorten receptoren: KOR, DOR en MOR. Dynorfinen activeren KOR en deze receptoren remmen MOR en DOR. Exorfinen en andere opiaten activeren dynorfinen. Dynorfinen remmen dopamine, het DPP-IV enzym en BDNF. BDNF is een belangrijke stof voor het overleven van neuronen. Het beschermt de hersenen tegen neurodegeneratie, een problematiek die voorkomt bij geheugenproblemen, de ziekte van Alzheimer en Parkinson .
  • Histamine, een stof die vrijkomt bij allergische reacties en voedingsintoleranties. Histamine is een dynorfine activator.
  • TNF-alfa komt vrij bij een mestcel reactie bij allergie, histamine-intolerantie, voedselintolerantie, mcas.
  • TGF-beta (transformerende groei factor)
  • Hyperinsulinemie (stofwisselingsziekte met verhoogd insuline)
  • Kwik (amalgaam vullingen, vis, vaccins), laat amalgaamvullingen verwijderen en ontgift van zware metalen met een speciaal programma.
  • Cadmium in sigaretten. Ook meeroken kan voor een te hoog cadmiumgehalte zorgen. Ontgift van zware metalen met een speciaal programma. Ook als je vroeger gerookt hebt, kun je nog steeds cadmium in je diepere weefsels hebben.
  • Calcium suppletie: het nemen van DPP-IV producten mag liefst niet gecombineerd worden met de extra inname van calcium.
  • Insecticiden, herbiciden en pesticiden: eet biologisch
  • Cholecystokinine, een neurohormoon dat de galblaas stimuleert tot het afscheiden van gal. Cholecystokinine veroorzaakt een toename van dynorfine. Exorfinen veroorzaken een sterke toename van cholecystokinine wat op termijn kan leiden tot het ophopen van galstenen en galblaas infecties (helaas wordt er veel te snel overgegaan tot het operatief verwijderen van de galblaas). Gluten veroorzaakt een acht keer langzamere lediging van de galblaas door toename van cholecystokinine.
  • Gierst bevat een DPP 4 verlagende stof. Parelgierst wordt soms gebruikt bij het maken van bier.
  • Polyfenolen. Komen van nature voor in planten en groenten. In natuurlijke vorm zijn polyfenolen gezond. Geconcentreerde polyfenolen (extracten) gebruikt in voedingssupplementen zijn giftig omdat ze een sterke DPP-IV remmende werking hebben. Sommige van deze polyfenolen remmen het DPP-IV enzym sterker dan de DPP-IV remmende geneesmiddelen die aan diabetici worden voorgeschreven. De polyfenolen werden in dit onderzoek R ingedeeld in drie groepen: Groep 1 (sterkste remmers): resveratrol, luteoline, apigenine en flavonen. Groep 2 (matige remmers): naringenin, hesperetin, cyanidin-3-glucoside, kaempferol en malvidine. Groep 3 (zwakke remmers): cyanidine, quercetine en koffiezuur.
  • Druivenpitten: (ook in olie en druivenpitten supplementen zoals proanthenol en resveratrol).
  • Naringin: een flavonoïde, zit in grapefruit en sinaasappelschillen (commercieel sinaasappelsap uit extracten bevat schil restanten). Naringin blokkeert niet alleen de P450-detox-enzymen (CYP3A4 en CYP1A2) maar ook het DPP-IV enzym R.
  • Fosforzuur: (een smaakversterker in bijna alle frisdranken)
  • Chitosan is een natuurlijk voorkomende polysacharide met antibacteriële werking. Het wordt gebruikt in deodorants, waterverzachters, waterfilters en voor het klaren van wijn. Chitosan is een sterke DPP-IV remmer (80% verminderde activiteit van het DPP-IV gen)
  • Fluor en fluoride (tandpasta)
  • Wei : bv. in proteïne shakes

Leefstijlfactoren:

  • Uitgaan: Bijna alle drugs maar vooral dopamine stimulerende drugs als dextro-amfetamine en amfetamine/speed, Ritalin, roken, alcohol activeren dynorfinen waardoor DPP 4, dopamine en BDNF geremd wordt.
  • Chronische en belastende stress. Stress activeert het CRH-hormoon, dat op zijn beurt dynorfine activeert.

Medicatie en supplementen met DPP 4 verlagende werking:

  • DPP-IV remmers: wordt voorgeschreven bij diabetes! DPP-IV remmers verhogen de kans op psychose en andere dopamine verstoringen bv. verslaving en gewelddadig gedrag
  • Dopamine stimulerende medicatie (bv. Ritalin®/Rilatine® R, dextro-amfetamine R, Levodopa® R), activeren dynorfine.
  • Glucocorticoïden: corticosteroïden, worden voorgeschreven bij ontstekingen en allergieën, het onderdrukt het immuunsysteem. Wat toch al onderdrukt wordt door het teveel aan exorfinen.
  • Ezetimibe en statines: (cholesterolverlagers)
  • Chlorambucil (chemotherapie)
  • Antipsychotica
  • EDTA : (een zware metalen chelator)
  • Adenosine
  • Forskolin (vetverbrander voor gewichtsverlies)
  • Antibiotica
  • Efedrine (hoestdranken, drugs)
  • Rauvolfia serpentina/slangenhout (een van de 50 meest gebruikte kruiden in de Chinese geneeskunde)
  • Berberine: een vaak toegepast voedingssupplement, komt ook voor in Relora® (productnaam van een voedingssupplement met extracten van Phellodendron amurense)
  • Epicatechine derivaten: antioxidanten concentraten uit groene thee, rode wijn en chocolade. Het nemen van teveel antioxidanten via supplementen is toxisch.
  • Teveel zink: (bv. door hoge doseringen in voedingssupplementen. Chlorella, tarwe en andere granen kunnen een zink-tekort veroorzaken. Magnesium versterkt de binding van de endorfine receptoren in de hersenen van ratten, terwijl zink deze magnesium interventie neutraliseert

DPP4 verhogen

  1. Stop met het gebruik van gluten en zuivel. Je kunt proberen A2 zuivel te gebruiken. In Nederland is A2 melk verkrijgbaar van Jersey koeien. Veel ambachtelijke kaas uit zuid-Europa wordt gemaakt van koeien die A2 melk geven. Lees hier meer over A2 melk. Het veiligst is om in de herstelfase helemaal geen zuivel te gebruiken.
  2. Eet koolhydraatarm: veel groenten, eiwitten en vetten. Zorg altijd dat groenten de basis vormen. Vetten lijken DPP4 in de darmen en nieren te verhogen. De huidige reguliere aanpak bij diabetes is om DPP4 te verlagen, door middel van medicatie en de vetinname te verlagen. Je blijft dan koolhydraten en caseine eten en er wordt niet gekeken naar de gluten en caseïne gevoeligheid door een tekort aan DPP 4. Als je dan ook nog DPP 4 verlagende medicatie gebruikt wordt de situatie van kwaad tot erger. Je diabetes zal dan niet overgaan.
    Misschien ken je het programma van Voeding Leeft: Keer Diabetes 2 om, in dit programma wordt er koolhydraatarm gegeten. Dit ondersteunt het principe wat ik hierboven uitgelegd heb. Je herstelt de oorzaak van je diabetes: exorfinen belasting en tekort aan DPP 4. De basis van je gezondheid zijn gezonde darmen.
  3. Betreft de lange lijst met DPP 4 verlagende stoffen, gluten en caseine zijn de veroorzakers van een te laag DPP 4, probeer rekening te houden met je voeding en supplementen. Eet vers en onbewerkt, geen frisdranken en chemicalien. Eet zoveel mogelijk biologisch.
  4. Heb je darmklachten, glutenintolerantie en misschien ook wel caseine allergie en heb je moeite om koolhydraten te laten staan waardoor je diabetes hebt ontwikkeld? Start dan zo snel mogelijk met een dieet zonder gluten en caseïne en begin met supplementeren van DPP4 enzymen. En stop met de DPP 4 remmers als je die nu gebruikt.

Overleg deze aanpak wel eerst met je huisarts. laat hem/haar dit artikel lezen.. Ik kan je begeleiden met het herstellen van je darmen waardoor je geen insuline of andere medicatie kunt verminderen of zelfs helemaal kunt stoppen.

Wil je weten of ik je kan helpen? Bel dan op maandagochtend tussen 10 en 11 uur voor een gratis kennismakingsgesprek: 0613426644 of mail naar info@voedingsadviesrotterdam.nl

Vond je dit artikel nuttig? Deel het dan gerust.

Ik besteed veel tijd aan het schrijven van blogartikelen, dit doe ik graag, ik wil dat je goed geinformeerd wordt, ik zou niets liever doen dan voor jou schrijven. Ik verdien hier niets aan, helaas moet ik dan ook steeds meer tijd besteden aan andere (betaald) werk en daardoor kan ik minder schrijven. Wil je mij ondersteunen? Dan kan dat al vanaf eenmalig €1,00 of meer. Gewoon als teken van waardering, of omdat je meer wilt lezen van mijn hand. Jouw donatie besteed ik uiteraard aan tijd om goeie blogs te schrijven. Alvast, heel erg bedankt!

, Lisa

Naam*

E-mailadres*

Bedrag €*



Caseïne en lactose intolerantie

Steeds meer mensen verwijderen melk en zuivel uit hun dieet. Het is ook één van de adviezen die ik geef als je darmklachten hebt. Dit doe ik omdat dit de makkelijkste en duidelijkste manier om te stoppen met het gebruik van A1 zuivel, of je nu caseïne allergie of lactose intolerant bent. A1 zuivel geeft nu eenmaal problemen. Ik adviseer om met zuivel te stoppen omdat je zuivel niet nodig hebt, maar ook omdat het je anders gaan duizelen betreft wat nu wel en niet mag bij het herstel van je darmen.

Om één en andere te verduidelijken heb ik alles wat ik weet uitgeschreven. Ik ben zelf geen voorstander van zuivel, maar snap wel dat als je gewend bent om zuivel te gebruiken, je wilt weten wat de alternatieven zijn zodat de dieet veranderingen niet al te groot hoeven te zijn. Ik denk dat goede zuivel op zich niet veel kwaad kan, als je alles maar in de juiste verhoudingen doet ( Ja, groenten als basis) en je weet wat je eet. 

 

Heb je een caseïne of lactose intolerantie?

Als je voedsel intolerantie hebt komt dit meestal door ontstekingen in het lichaam en kun je  moeite hebben om zuivel te verteren, dat wil niet zeggen dat je dan altijd lactose intolerant bent, een melksuiker intolerantie doordat lactose niet goed afgebroken kan worden. Het kan ook een reactie zijn op de A1 eiwitten in melk. Probeer eens de A2 melk en kijk of je daar op reageert. A1 eiwitten in melk kunnen veel klachten en ziekten veroorzaken.

 

In één liter melk zit ongeveer 35 gram eiwit. Hiervan is ca. 82% caseïne en 18% wei. De caseïne uit koemelk kun je onderverdelen in alfa-, kappa- en bèta-caseïne. Met name Beta-caseïne is wat caseïne allergie of intolerantie veroorzaakt.

Caseïne allergie of intolerantie

Bij caseïne allergie/intolerantie kun je niet tegen de eiwitten in melk. Er zijn twee soorten melkeiwitten A1 en A2, A1 is ‘the bad guy’ en is waar je last van hebt als je caseïne intolerant bent. Dit is het eiwit wat in alle reguliere zuivel zit. A2 zit in melk van Jersey, Guernsey, melk van veel Franse koeien en de koeien in India en Afrika. Het belangrijkste is te onthouden: hoe puurder het ras (dus niet doorgefokt met andere rassen zoals Holsteiner) hoe meer kans dat een koe A2 melk produceert.

De ene koe is de andere niet. Indiase koe.

In 1997 ontdekte Dr. Corran Mclachlan in Nieuw Zeeland dat A1 en A2 eiwitten anders verteerd worden en dat sommige mensen moeite hebben het A1 eiwit te verteren.

A1 eiwitten in onze zuivel komen voornamelijk van Holsteiner koeien, deze koeien zijn doorgefokt en hebben een mutatie in hun genen. Het A2 gen is gemuteerd naar A1. Omdat deze koeien zo veel melk geven is het samen met andere koeien soorten gekruist om de ultieme melkkoe te creëren. Hierdoor hebben alle melkkoeien, maar ook sommige vleeskoeien een gemuteerd bèta-caseïne A1 gen. Het A2 gen komt meer voor bij koeien die niet gekruist zijn, hun bloedlijn is nog puur, daarom hebben koeien in Jersey, Guernsey, India, Afrika en sommige koeien in Frankrijk A2 melk.

 

A1 melk en histamine vrijlating

Caseïne is casomorfine, een opiode peptide die werkt als morfine. Er zijn verschillende soorten casomorfine: 1-3, 1-4, 1-4 amide, 5, 7, 8. Van origine, toen koeien nog niet gekruist werden met de Holsteiner, hadden koeien maar één soort casomorfine. Tegenwoordig dus zijn er dus 6 en bestaan er geen 100% pure rassen meer, er is altijd wel ergens in de voorvaderen van koeien een inmenging van een ander ras te vinden. Het dichtste bij het pure ras is de Race Brune, gevolgd door de Jersey koe.

De Beta-casomorfine-7 is de casomorfine die alle problemen op gezondheidsgebied veroorzaakt, waaronder ook de vrijlating van histamine. Casomorfine-8 bevat histidine, wat in het lichaam omgezet wordt in histamine. Heb je een voedsel intolerantie of allergie dan kan het consumeren van A1 zuivel voor histamine klachten zorgen als jeuk, huiduitslag, eczeem, hooikoorts, hoofdpijn, diarree, vermoeidheid en nog veel meer. Aangezien histamine ook een ontstekingsstof is, leidt het gebruik van A1 zuivel tot ook tot ontstekingen in de darm en maakt het hele lichaam gevoelig voor ontstekingen. Als je stopt met A1 zuivel zul je merken dat je huid beter wordt, en klachten als hooikoorts en hoofdpijn minder worden.

https://www.karger.com/Article/Abstract/236106

 

A1 melk en diabetes

In 1993 onderzocht professor Bob Elliott van de Universiteit van Auckland de gezondheid van kinderen in Nieuw Zeeland die afkomstig waren van het eiland Samoa. Hij zag dat bij deze kinderen veel diabetes type-1 voorkwam. Hij geloofde dat de A1 melk dit veroorzaakte. Later vergeleek hij dit samen met Dr.Corran MCLachlan de prevalentie van diabetes en hartziekten in 20 landen waar ook veel A1 melk gedronken werd en waren er sterke verbanden. Genoeg om aan te nemen dat de Beta-casomorfine-7 de diabetes type 1 veroorzaakt.

 

Lactose intolerantie

Caseïne is melkeiwit, als je niet tegen caseïne kunt, kun je geen zuivel gebruiken. Dit is wat anders dan lactose intolerantie, lactose is melksuiker. Bij een intolerantie kan lactose niet goed afgebroken worden waardoor darmklachten ontstaan. Er is een verschil tussen lactose intolerantie en galactosemie. De laatste is een erfelijke suiker stofwisselingsziekte waarbij men het enzym mist om lactose in glucose om te zetten. Ook kan het zijn dat je het enzym lactase mist, deze breekt lactose af. Veel mensen van Aziatische en Afrikaanse afkomst missen dit enzym en kunnen geen lactose verdragen.

Bij lactose intolerantie kun je in principe zuivelproducten gebruiken waar geen lactose in zit, zoals gerijpte kaas, lactose vrije melk. Maar er zijn ook mensen die ook hier niet tegen kunnen. Als je merkt dat je wel Franse kaas maar geen Goudse kaas kunt verdragen lees dan vooral verder.

De lactose intolerantie die ontstaat tijdens je leven is vaak het gevolg van A1 melk, de eiwitten in deze melk veroorzaken ontstekingen en de ontstekingen zorgen voor voedselintoleranties. Een lactose intolerantie kan tijdelijk zijn en gaat vaak samen met ontstekingen of een lekke darm. Uit onderzoek naar A1 en A2 melk kwam uit dat mensen met lactose intolerantie A2 melk wel goed konden verdragen.

Er zijn meerdere onderzoeken waarin verbanden worden gelegd tussen A1 proteïne en neurologische aandoeningen als autisme en schizofrenie. Ook wordt een verhoogd beta- casomorfine-7 immunoreactiviteit in verband gebracht met vertraagde psychomotorische ontwikkeling bij zuigelingen. Er wordt aangetoond dat de opioïde peptiden (de beta casomorfine-7) in voeding verschillende neurale cellen beïnvloeden, waaronder genexpressie die betrokken is bij methylatie processen en epigenetische regulatie. De peptiden in A1 zuivel kunnen ontstekingen en systemische oxidatie veroorzaken.

Als je lactose intolerantie hebt is het dus aan te bevelen helemaal geen A1 zuivelproducten te gebruiken en om A2 zuivel te proberen.

https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC4818854/

 

Waarom geeft beta-casomorfine-7 problemen?

Normaal gesproken, bij een gezonde darm, kan het eiwit de darmwand niet passeren en naar de bloedstroom gaan omdat het een vrij groot molecuul is. Heb je echter een lekke darm en/of chronische ontstekingen dan kunnen deze eiwitten door de darmwand lekken. Baby’s kunnen het ook absorberen omdat hun darmwand en darmflora nog niet voltooid is en grotere moleculen door de wand kunnen dringen en zo in de bloedbaan komen. Dit is waarom baby’s vaak problemen hebben met flessenmelk en hier overheen kunnen groeien als ze ouder worden en de darmwand sterker is. Zo zijn pasgeborenen gevoeliger voor de effecten van bèta-casomorfine-7-eiwit en is zuigelingenvoeding formule A1 de slechtste keuze.

Als je gezonde darmen hebt, zul je waarschijnlijk geen last hebben van dit eiwit, het is dan toch ook belangrijk om je darmen gezond te houden en dat doe je o.a. door geen A1 zuivel te gebruiken van A1 melk.

A2 en goede kaas

In Frankrijk en Italië houden ze van tradities en wordt de voedselproductie streng gecontroleerd. Hierdoor vind je er nog veel pure producten van kleine producenten. Er zijn veel kleine kaasboeren die verschillende kazen produceren van A2 koeienmelk.  De Normande, Race Brun, Montbeliarde, Limousin en Charolais koeien geven verhoudingsgewijs meer A2 melk dan A1 (zie overzicht onderaan dit artikel). De Limousin en Charolais koeien zijn vleeskoeien en houdt men niet voor de melk, het is dan ook erg moeilijk, zo niet onmogelijk, om hier melk van te vinden. Normande koeien zijn wel melkkoeien, ze lijken een beetje op de Friese koe, wit met bruine vlekken, maar hebben een brilletje op, ze hebben gekleurde vlekken rond de ogen en de vlekken zijn grilliger van vorm, een beetje rommelig, zoals het Franse platteland. De echte Race Brun (dus niet gemengd met andere rassen, wat nog wel eens gebeurd) varieert van bruin tot crème wit.

 

 

Van de melk van deze koeien wordt kaas gemaakt. A2 melk is niet alleen gezonder betreft de soort eiwitten maar het bevat ook van nature meer vet en eiwitten. Hierdoor is het zeer geschikt om kaas van te maken. In Normandie maakt men  Camembert, Le Pont l’Évêque, Neufchâtel en Livarot, controleer wel of de kaas het AOP label (Appellation d’Origine Protégée) heeft, dan weet je zeker dat je echte Normandische kaas hebt en geen kaas gemaakt van A1 melk, vooral bij de Camembert moet je hierop letten.

Een AOP keurmerk is geen A2 garantie maar geeft aan dat de kaas op traditionele wijze is geproduceerd volgens de voorschriften van de AOP. En in Normandië betekent dit dat de kaas gemaakt is van de Normande koeien. Van andere streken weet ik niet of bepaalde kazen van een bepaalde koemelk moeten zijn gemaakt, maar veel kaasmakers in Frankrijk werken met Race Brune of Montbeliarde koeien.

Van de Race Brune, of in het Duits Braunvieh, worden veel bekende kazen gemaakt. In Zwitserland, Oostenrijk zijn dit voornamelijk rauwmelkse bergkazen en in Italië de echte Parmezaanse kaas, Mozzarella en Ricotta om er maar een paar te noemen komen. Hier vind je het overzicht met alle italiaanse kazen die gemaakt zijn van deze koeien. En hier kun je het online bestellen. Ook hier: let op het keurmerk, Italië heeft DOP en ziet er hetzelfde uit als de Franse AOP.

Er zijn echter ook koeien van Race brune die gekruist worden met Holstein en Montbeliarde koeien. En je hoopt dan altijd maar dat als je een kleine kaasboer in een dorpje aantreft deze nog raszuivere koeien heeft. Maar ik denk dat dat echt niet meer bestaat. (Ik hoop dat ik ongelijk heb.)

klik hier voor meer informatie over de rassen (franstalig)

In onderstaand overzicht zie je hoeveel procent van de  koeien per ras het A2 gen heeft. Als een boer A2 melk verkoopt zijn de koeien als het goed is getest op dit gen.  Zoals je ziet zijn er ook Holstein koeien met dit gen, maar meer dan helft heeft het dus niet. Het veiligst is melk van bruine koeien (Race Brune) of Jersey.

De meeste Franse kazen worden gemaakt van bruine koeien, Normande of Montbeliarde.

Het beste kun je in Frankrijk naar de markt gaan en vragen of de melk gemaakt is van Race Brune koeien. Al is dat geen garantie dat de koeien getest zijn op het gen en je 100% A2 melk hebt.

Ras A2A2 A1A2 A1A1 A2% Bron
Bruin 70% 28% 2% 84% Valogène
Jersey 65% 32% 3% 81% CDN
Normande 60% 32% 8% 76% Valogène
Holstein 40% 43% 17% 62% Valogène
Montbeliarde 62% Valogène

https://issuu.com/obulot/docs/brune_contact_2018_web

In ons eigen land kun  in de supermarkt Jersey melk, yoghurt en ijs kopen. Maar let op: de houdbare melk en het ijs bevatten naast A2 proteïne ook A1 bestanddelen (melkpoeder en boterconcentraat).

Afgelopen jaar werd bekend dat grote bedrijven, waaronder Nestlé zuigelingenvoeding van A2 koeien melk gaat produceren, het is nog niet bekend wanneer dit op de markt komt.

 

Wil je weten of ik je kan helpen? Bel dan op maandagochtend tussen 10 en 11 uur voor een gratis kennismakingsgesprek: 0613426644 of mail naar info@voedingsadviesrotterdam.nl

Vond je dit artikel nuttig? Deel het dan gerust.

Ik besteed veel tijd aan het schrijven van blogartikelen, dit doe ik graag, ik wil dat je goed geinformeerd wordt, ik zou niets liever doen dan voor jou schrijven. Ik verdien hier niets aan, helaas moet ik dan ook steeds meer tijd besteden aan andere (betaald) werk en daardoor kan ik minder schrijven. Wil je mij ondersteunen? Dan kan dat al vanaf eenmalig €1,00 of meer. Gewoon als teken van waardering, of omdat je meer wilt lezen van mijn hand. Jouw donatie besteed ik uiteraard aan tijd om goeie blogs te schrijven. Alvast, heel erg bedankt!

, Lisa

Naam*

E-mailadres*

Bedrag €*



DPP IV enzym en gezondheidsklachten

 

Heb je last van voedselintoleranties, histamine intolerantie, depressie, angst, stress, overgewicht of diabetes type 1 of 2? En heb je toevallig ook concentratieproblemen, ADHD/ADD? Ben je gek op brood en zuivel? Of eet/drink je veel soja en spinazie? Laten we dan een kijkje nemen in de darmen. We kijken deze keer niet naar de samenstelling van darmbacterien of een lekke darm, maar naar morfine achtige stoffen die in voeding voorkomen: exorfinen.

Als al eens een lowcarb of paleodieet hebt gevolgd en je bent er in het begin flink chagerijnig van geworden, je partner klaagt dat dit dieet je niet leuker maakt, dan weet je: Je bent aan het afkicken van exorfinen. Deze morfine-achtige stoffen geven je even een goed gevoel. Sommige mensen zijn er aan verslaafd zonder dat ze het weten.  Je hebt bijvoorbeeld een dip: neemt iets met tarwe (koekje, brood, etc) en je voelt je weer even beter.

Exorfinen zitten in gluten, caseine, soja en spinazie en in sommige schimmels. Normaal gesproken worden ze in de darmenafgebroken door het DPP-IV enzym. Maar er zijn mensen waarbij dit enzym onvoldoende werkt.

Als exorfinen niet goed afgebroken worden, worden de endorfine receptoren overmatig geactiveerd, die op hun beurt de dopamine afgifte stimuleert. Hierdoor voel je je lekker. Je zou denken, niets aan de hand toch? Maar door een langdurige overmatige stimulatie wordt endorfine, dopamine, insuline en cortisol ongevoelig.

Langdurige stimulatie van endorfine & dopamine door teveel exorfinen

Receptoren endorfine, dopamine, insuline, cortisol worden ongevoelig.

Hierdoor kun je diabetes type 1 en 2, overgewicht, stress-stoornissen en bijvoorbeeld depressie en angststoornissen, restless legs ontwikkelen.

Afspraak maken

DDP-IV enzym

Men weet pas sinds 2011 dat het DPP-IV enzym de hoeveelheid endorfine in de hersenen reguleert. Deze ontdekking is een mijlpaal in de geneeskunde, aangezien endorfine (samen met insuline) de belangrijkste dopamine stimulator is in het beloningssysteem van de hersenen. Daarmee neemt het enzym een centrale plaats in het ontstaan van psychische stoornissen.

Smaakversterkers blokkeren het DPP-IV enzym erg snel . Ook vernielen ze de  endorfine-receptoren waardoor de endorfine aanmaak met 70% daalt zodat er minder dopamine vrijkomt.

Het DPP-IV enzym beschermt de endorfine receptoren tegen overbelasting door opioïden, met in het bijzonder de exorfinen uit voeding.

Diabetes, bijnieruitputting door teveel exorfinen

Exorfinen zorgen in de eerste fase voor een forse toename van endorfine, dopamine, insuline en cortisol in de cellen en neuronen. Endorfine en dopamine is fijn maar een teveel aan insuline kan je insulineresistent maken en uiteindelijk zorgen voor diabetes en bij een constante overflow van cortisol voel je je vaak onrustig, gehaast, in paniek of angstig. Tot uiteindelijke de bijnier uitgeput is en geen cortisol meer kan aanmaken en je bijnieruitputting hebt.

Depressie en DPP-IV

Volgens diverse onderzoeken hebben mensen met een depressie een verlaagde DPP-IV activiteit. Bij deze mensen stapelen de exorfinen zich op in de hersenen, waar ze de serotonine receptoren blokkeren.
Antidepressiva zijn actief op de serotonine receptoren. Dit zou kunnen verklaren waarom antidepressiva (volgens een meta-studie uitgevoerd door het FDA in 2008) over het algemeen niet beter werken dan een placebo. Antidepressiva blokkeren de werking van dopamine.

ADD/ADHD en DPP-IV

De combinatie antidepressiva en methylfenidaat die zo vaak aan mensen met ADD/ADHD wordt gegeven is dan ook contraproductief.
De meeste antidepressiva worden geactiveerd via de endorfine receptoren . Dit verklaart waarom mensen met endorfine probleem niet geholpen kunnen worden door antidepressiva. Uit een meta-studie van het FDA blijkt dat antidepressiva niet beter werken dan een placebo.

 

Doe een Exorfinentest

Wat is het DPP-IV enzym?

Het DPP-IV enzym is een multifunctionele enzymen en heeft meer dan 70 functies. Het is onder meer betrokken bij de afbraak van exorfinen, dit zijn morfineachtige eiwitten uit gluten, caseïne, soja, spinazie en micro-organismen. En het is belangrijk voor het immuunsysteem.

Het DPP-IV enzym bevindt zich in de dunne slijmlaag van de darmen. Daar verhindert het de opname van exorfinen in de bloedbaan en beschermt het de endorfine receptoren. Het endorfinesyteem heeft in de darm een ontstekingsremmende  werking. Het DPP-IV enzym helpt de microvilli mee in stand houden en is daarmee is van de belangrijkste enzymen om lekkende darm te voorkomen en te behandelen.

Onderzoek wijst uit dat bij een tekort aan DPP-IV enzym werking (bv. onder invloed van gluten) de microvilli verkleinen en lekkende darm in de hand werkt. Galactose, een genetische DPP-IV enzym stimulator doet de groei van microvilli toenemen.

Immuunsysteem en DPP-IV

De immunologische functie van het DPP-IV enzym wordt afzonderlijk aangeduid met de term CD26 enzym. Een tekort aan  CD26 activiteit is betrokken bij diverse immuun-aandoeningen en kanker. Vitamine A is een van de genetische stimulators van het CD26 enzym.

CD26 activeert de lymfocyten die prolifereren in T-cellenB-cellenNK-cellen. Deze cellen en hun bijproducten (antistoffen) spelen een centrale rol in het adaptieve of verworven immuunsysteem. Dit is het aanpassingsimmuunsysteem tegen ziekteverwerkers zoals pathogenen en eiwitten die antistof-reacties kunnen teweegbrengen (bv. de IgG en de IgE antistoffen door voeding).

Verstoringen in de werking van CD26 zijn betrokken bij diverse (auto) immuunaandoeningen. Voorbeelden zijn allergieën, astma, CVS, kanker, fibromyalgie, reumatoïde arthritis, lupus, depressie en autisme .

CD26 bindt zich op dezelfde receptoren van de lymfocyten waar zich ook exorfinenorganofosfatenstreptokinase en thiomersal binden. Dit laatste is een kwik bevattende stof die aan vaccins wordt toegediend. Volgens Vodjani ligt het vaccineren met thiomersal mee aan de oorzaak van de toename van autisme, ADD en ADHD. Deze co-receptoren worden ook bezet door stoffen die een rol spelen bij kanker, AIDS, reumatoïde artritis, lupus, multiple sclerose en andere (auto) immuunziekten.

Defecten in de werking van het CD26 enzym zou ook betrokken zijn bij de vorming van myelomonocyten. Deze cellen spelen een rol bij het ontstaan van acute en chronische myeloïde leukemie.

Het CD26 enzym heeft een sterke antivirale werking. Zo is bekend dat vrouwen met een sterke CD26 werking geen HIV-1infectie ontwikkelen na geslachtsgemeenschap met een seropositieve man.  Volgens diverse wetenschappers wordt de AIDS-epidemie mogelijk gemaakt door een verminderde functie van het DPP-IV/CD26 enzym.

Een verstoring in de werking van het CD26 enzym is betrokken bij de meeste (auto) immuunziekten . Dit doet de vraag rijzen of wel een goed idee is om medicinale DPP-IV/CD26 remmers in te zetten voor de behandeling van diabetes. Zeker nadat bekend werd dat deze geneesmiddelen de kans op kanker doen toenemen.

Er zijn onderzoeken waarbij de DPP-IV en CD26 enzym functie (in bepaalde omstandigheden) onafhankelijk van elkaar blijken te werken. Dit betekent dat iemand geen immuniteitsproblemen kan ondervinden (CD26), maar wel andere complicaties ten gevolge van een deficiënte DPP-IV enzym werking. De enige bedenking is dat dit onderzoek is gesponsord door fabrikanten van DPP-IV enzym remmers.

Allergien en DPP-IV

Als het  DPP-IV enzym niet goed werkt zorgt dit voor een toename van de eosinofiele granulocyten. Deze witte bloedcellen zijn betrokken bij de pathogenese van allergische reacties, zoals allergisch astma, rinitis en dermatitis. Toename van de eosinofiele granulocyten veroorzaken een systemische respons. Bij deze respons komen ontstekingsmediatoren   (IL-1, IL-6 en TNF-alpha) in de bloedbaan terecht die een allergische reactie opgang brengen.

Het DPP-IV enzym is een essentieel enzym voor de antigeen presentatie. Het DPP-IV enzym promoot een normale cellulaire immuun-respons en is belangrijk voor de vorming van signaalstoffen die betrokken zijn bij inflammatie en andere immunologische reacties. Uit onderzoek blijkt dat de afbraalk van TNF-alfa (tumor necrosis factor alpha) gebeurt door DPP-IVTNF-alfa is een signaalstof dat ontsteking stimuleert en betrokken is bij auto-immuunziekten en kanker. Een verminderde werking van DPP-IV heeft overproductie van TNF-alfa tot gevolg. Dit wordt in verband gebracht met een aantal immuunziekten, zoals autisme, kanker, darmontstekingen en reumatoïde artritis.

In een onderzoek van 2007 werd een verband aangetoond tussen het DPP-IV enzym en allergieën. Moeders met tijdens de borstvoeding lage DPP-IV waarden, hadden beduidend meer kans op een kind met dermatitis en allergieën.

Een deficiënte DPP-IV werking zorgt voor een toename van de eosinofiele granulocyten. Deze witte bloedcellen zijn betrokken bij de pathogenese van allergische reacties, zoals allergisch astma, rinitis en dermatitis. Toename van de eosinofiele granulocyten veroorzaken een systemische respons. Bij deze respons komen ontstekingsmediatoren (IL-1, IL-6 en TNF-alpha) in de bloedbaan terecht die een allergische reactie opgang brengen.

Het DPP-IV enzym is een essentieel enzym voor de antigeen presentatie. Het DPP-IV enzympromoot een normale cellulaire immuun-respons en is belangrijk voor de vorming van signaalstoffen die betrokken zijn bij inflammatie en andere immunologische reacties. Uit onderzoek blijkt dat de afbraalk van TNF-alfa (tumor necrosis factor alpha) gebeurt door DPP-IVTNF-alfa is een signaalstof dat inflammatie stimuleert en betrokken is bij auto-immuunziekten en kanker.. Een verminderde werking van DPP-IVheeft overproductie van TNF-alfa tot gevolg. Dit wordt in verband gebracht met een aantal immuunziekten, zoals autisme, kanker, darmontstekingen en reumatoïde artritis.

In een onderzoek van 2007 werd een verband aangetoond tussen het DPP-IV enzym en allergieën. Moeders met tijdens de borstvoeding lage DPP-IV waarden, hadden beduidend meer kans op een kind met dermatitis en allergieën R.

DPP-IV enzym remmende factoren

De werking van het DPP-IV enzym kan worden geremd door verschillende natuurlijke en chemische stoffen. Sommige van deze stoffen zoals kwik (amalgaamvullingen) kunnen de werking van het enzym jarenlang afremmen. Koemelk (en andere niet-humane melk) is niet geschikt voor de mens.

  • Niet-humane melk (bv. koemelk) bevat casomorphin-5, een exorfine uit caseïne. De afbraakproducten van casomorphin-5 blokkeren de werking van het DPP-IV enzym. Indien niet-humane melk geschikt was voor de mens, zou het nooit een enzym remmen dat meer dan 70 functies heeft. (humane melk bevat geen casomorphin-5). Bovendien is casomorphin-5 in de hersenen zowat tien maal sterker dan morfine R. Met andere woorden niet-humane melk heeft een verdovend effect dat haaks staat op het overlevingsinstinct van de oermens (jagers moeten alert zijn).

Een overzicht van de DPP-IV remmende factoren:

  • Calcium suppletie: het nemen van DPP-IV producten mag liefst niet gecombineerd worden met de extra inname van calcium.
  • Organofosfaten (insecticidenherbiciden en pesticiden)
  • Kwikverbindingen: (amalgaam, vaccins en vis)
  • Vaccins tegen baarmoederhals kanker 
  • Ezetimibe: (cholesterolverlager)
  • Statines: (cholesterolverlagers)
  • Chlorambucil (chemotherapie)
  • DPP-IV remmers: (diabetes) DPP-IV remmers verhogen de kans op psychose en andere dopamine verstoringen (bv. verslaving en gewelddadig gedrag)
  • Glucocorticoïden: (voornamelijk cortisol)
  • Superoxide: zie punt dementie en de ziekte van Parkinson
  • Cationische peptidenCaseïneexorfinen; de afbraakproducten van BCM-5 – een caseïneexorfine –  remmen de werking van het DPP-IV enzym. Met andere woorden niet-humane melk-exorfinen schakelen de werking van het DPP-IV enzym uit.
  • Dynorphin: een opioïde die de KOR receptoren van het endorfinesysteem activeert. De KOR receptoren werken als een remmer van de andere twee receptoren van het endorfinesysteem (MOR en DOR). Dynorphin wordt actief door opiaten (bv.exorfinen), het gebruik van dopamine stimulerende geneesmiddelen   (bv.Ritalin®/Rilatine®, dextro-amfetamine, Levodopa®), antipsychotica, chronische stress, roken, alcohol, bijna alle drugs en het consumeren van overwegend vette voeding. Dynorphin is een dopamine-remmer, een DPP-IV enzym remmer en een BDNF remmerBDNF beschermt de hersenen tegen neurodegeneratie, een problematiek die voorkomt bij geheugenproblemen, de ziekte van Alzheimer en Parkinson .
  • Histamine, een stof die vrijkomt bij allergische reacties. Histamine is een dynorphin-activator een stof met een sterk DPP-IV remmend effect .
  • Dopamine stimulerende medicatie (bv.Ritalin®/Rilatine® R, dextro-amfetamine R, Levodopa® R), activeren dynorphin, dat een DPP-IV remmer is R (zie dynorphin)
  • Cholecystokinine, een neurohormoon dat de galblaas stimuleert tot het afscheiden van gal. Cholecystokinine veroorzaakt een toename van dynorphin R, dat een DPP-IV remmer is(zie dynorphin). Exorfinen veroorzaken een sterke toename van cholecystokinine wat op termijn kan leiden tot het ophopen van galstenen en galblaasinfecties (helaas wordt er veel te snel overgegaan tot het operatief verwijderen van de galblaas). Gluten veroorzaakt een acht keer langzamere lediging van de galblaas door toename van cholecystokinine.
  • Chronische en belastende stress. Stress activeert het CRH hormoon, dat op zijn beurt dynorphin activeert. Dynorphin is een DPP-IV remmer. (zie dynorphin)
  • Chitosan is een natuurlijk voorkomende polysacharide met antibacteriële werking. Het wordt gebruikt in deodorants, waterverzachters, waterfilters en voor het klaren van wijn. Het is tevens een erg omstreden voedingssupplement om te vermageren (omdat het de opname van vet via de darmwand blokkeert), dat helaas mag verkocht worden…. Chitosan is een sterke DPP-IV remmer (80% verminderde activiteit van het DPP-IV gen)
  • Berberine: een vaak toegepast voedingssupplement, komt ook voor in Relora® (productnaam van een voedingssupplement met extracten van Phellodendron amurense)
  • Polyfenolen. Komen van nature voor in planten en groenten. In natuurlijke vorm zijn polyfenolen gezond. Geconcentreerde polyfenolen (extracten) gebruikt in voedingssupplementen zijn giftig omdat ze een sterke DPP-IV remmende werking hebben. Sommige van deze polyfenolen remmen het DPP-IV enzym sterker dan de DPP-IV remmende geneesmiddelen die aan diabetici worden voorgeschreven. De polyfenolen werden in dit onderzoekR ingedeeld in drie categorieën volgens hun DPP-IVremmende werking. Groep 1 (sterkste remmers): resveratrol, luteoline, apigenine, en flavonen. Groep 2 (matige remmers): naringenin, hesperetin, cyanidin-3-glucoside, kaempferol en malvidine. Groep 3 (zwakke remmers): cyanidine, quercetine en koffiezuur. Caseïne remt de werking van polyfenolenR (tot 75% en meer). Dit houdt onder meer in dat mensen die een zuivelvrij dieet volgen voedingssupplementen met polyfenolen best mijden.
  • EDTA : (een zware metalen chelator)
  • Adenosine
  • TNF-alfa en TGF-beta
  • Fosforzuur: (een smaakversterker in bijna alle frisdranken)
  • Forskolin
  • Hyperinsulinemie
  • Fluor en fluoriden
  • Antibiotica 
  • Efedrine (hoestdranken, drugs)
  • Erythrina variegata. (Indische koraalboom)
  • Galega orientalis (bloem: geitenruit)
  • Bacitracin (metaboliet van de Bacillus subtilis bacterie)
  • Mango bladeren en stengels: (Mangifera indica, alleen de bladeren en stengel)
  • Pennisetum glaucum (Gepelde parelgierst is in grote delen van Afrika het oorspronkelijke ingrediënt van couscous. In de Noord-Afrikaanse keuken wordt doorgaans tarwegries gebruikt, in deze versie is couscous eveneens in de westerse keuken bekend. Parelgierst wordt soms gebruikt bij het maken van bier)
  • Rauvolfia serpentina (een van de 50 meest gebruikte kruiden in de Chinese geneeskunde)
  • Druivenpitten: (ook in olie en druivenpitten supplementen zoals proanthenol en resveratrol).
  • Naringine: een flavonoïde, zit in grapefruit en sinaasappelschillen (commercieel sinaasappelsap uit extracten bevat schilrestanten). Naringine blokkeert niet alleen de P450-detox-enzymen (CYP3A4 en CYP1A2) maar ook het DPP-IV enzym R. In België wordt de grapefruit ook wel pompelmoes genoemd.
  • Epicatechine derivaten: antioxidanten concentraten uit groene thee, rode wijn en chocolade. Het nemen van teveel antioxidanten via supplementen is toxisch.
  • Teveel zink: (bv. door hoge doseringen in voedingssupplementen. Chlorella, tarwe en andere granen kunnen een zink-tekort veroorzaken. Magnesium versterkt de binding van de endorfine receptoren in de hersenen van ratten, terwijl zink deze magnesium interventie neutraliseert )
  • Cadmium. (roken)
  • Wei :(bv. in proteïne shakes, kan de kans op prostaatkanker verhogen)
  • Febreze: (een stofverfrisser met zinkchloride): niet inademen en best uit de buurt houden van huisdieren (risico voor overgewicht, stressovergevoeligheid,  kanker, depressie en andere psychische stoornissen bij huisdieren)
  • Syzygium cumini (jambolan, een eetbare vrucht van de mirtefamilie)
  • Extract van Oryza sativa var. glutinosa (kleefrijstR
  • Extract van Piper longum, een pepersoort die veel wordt gebruikt in de ayurvedische geneeskunde R
  • Extract van malrove (Marrubium vulgare), wordt gebruikt als natuurlijke rustgever voor lichaam en geest.
  • Alostine (frequent gebruikt geneesmiddel in Afrika)
  • Scoparia dulcis (Scoparin A)
  • Tecoma stans (bloem: gele Bignonia)
  • Vinca major (plant: grote maagdenpalm)
  • Jambolan

Apta Voedingsadvies werkt met de exorfinen test van Exendo om te bepalen of iemand een overbelasting heeft voor exorfinen en dus een niet goed werkend DPP-IV enzym.

Het is aan te raden niet op eigen houtje DPP-IV enzymen te nemen in verband met wisselwerking met andere medicatie en voeding. Ook kun je ontwenningsverschijnselen krijgen van de exorfinen overbelasting, wat gemonitord wordt door APTA voedingsadvies.

De kenmerken van ontwenning (bv. geïrriteerdheid, toename stressgevoeligheid, onrust, agitatie enz…) verschillen per persoon:

Psychische ontwenningsverschijnselen: verhoogde prikkel- en stressgevoeligheid, geïrriteerdheid, moeheid, toegenomen behoefte naar suiker
Darmflora adaptatie: bij aanvang van gebruik van een probioticum kan gasvorming, krampen en of diarree optreden. Na verloop van tijd past het lichaam zich aan en verminderen of verdwijnen deze verschijnselen.

Maak een afspraak voor begeleiding of screening

De informatie in dit artikel komt van Exendo, het http://exendo.be/dpp-iv-enzym-onderzoek-en-referenties/#Functies  Op deze website vind je nog meer informatie en alle links naar wetenschappelijke onderzoeken die betrekking hebben op dit artikel.

 

Wil je weten of ik je kan helpen? Bel dan op maandagochtend tussen 10 en 11 uur voor een gratis kennismakingsgesprek: 0613426644 of mail naar info@voedingsadviesrotterdam.nl

Vond je dit artikel nuttig? Deel het dan gerust.

Ik besteed veel tijd aan het schrijven van blogartikelen, dit doe ik graag, ik wil dat je goed geinformeerd wordt, ik zou niets liever doen dan voor jou schrijven. Ik verdien hier niets aan, helaas moet ik dan ook steeds meer tijd besteden aan andere (betaald) werk en daardoor kan ik minder schrijven. Wil je mij ondersteunen? Dan kan dat al vanaf eenmalig €1,00 of meer. Gewoon als teken van waardering, of omdat je meer wilt lezen van mijn hand. Jouw donatie besteed ik uiteraard aan tijd om goeie blogs te schrijven. Alvast, heel erg bedankt!

, Lisa

Naam*

E-mailadres*

Bedrag €*



Glutamaat en GABA in evenwicht

Heb je last van concentratieproblemen, ADHD, op autisme gelijkende eigenschappen, geïrriteerd en constante onrust, dan kunnen je neurotransmitters uit balans zijn. Om uit te zoeken welke neurotransmitters dit zijn, kun je bij APTA een schriftelijke test doen. Dit is een vragenlijst waaruit zal blijken welke neurotransmitters overheersen en welke er tekort zijn. In deze blog gaan we het hebben over twee neurotransmitters GABA en glutamaat. GABA wordt ook onderzocht in de schriftelijke test, glutamaat niet, omdat deze twee neurotransmitters elkaar in balans houden. Heb je te weinig GABA, dan heb je een teveel aan glutamaat.  GABA kun je verhogen met voeding en supplementen, maar er zijn wel punten waar je op moet letten, want je moet zowel GABA als glutamaat balanceren. Hoe we dat doen en wat voor een neurotransmitters GABA en glutamaat zijn, kun je hieronder lezen.

GABA en Glutamaat zijn met elkaar verbonden

GABA verhogen kun je niet alleen maar met supplement doen, zoals het eigenlijk ook niet kan met andere neurotransmitters, tenminste niet als je als een pillen-slik-machine door het leven wilt. Bovendien heeft het bij veel mensen het tegenovergestelde effect. Er komen nogal wat zaken kijken bij het verhogen van GABA, op zich is dat niet vreemd omdat het lichaam nu eenmaal een mechanisme is waarbij alles van elkaar afhankelijk is. Zo wordt de productie van GABA beïnvloed door glutamaat. Deze twee neurotransmitters kun je niet los van elkaar zien.

Glutamaat en GABA zijn allebei belangrijke neurotransmitters die een grote invloed hebben op verschillende facetten van onze fysieke, mentale en spirituele gezondheid, waarbij de GABA remmend werkt en de glutamaat prikkelend.

Prikkelende neurotransmitters stimuleren hersencellen en remmende neurotransmitters kunnen deze prikkeling verminderen.

Net als bij alle neurotransmitters kan een teveel of te weinig problemen veroorzaken. Zoals altijd moet alles in balans zijn. Het klinkt saai, balans, balans, balans, maar ja, zo werkt het nu eenmaal. Het klinkt zo eenvoudig, maar helaas zijn er veel factoren die de balans kunnen verstoren. Vaak is er teveel glutamaat en te weinig GABA.

Wat is Glutamaat?

Glutamaat is de voornaamste prikkelende neurotransmitter. Het stimuleert je hersencellen zodat je kan praten, denken, informatie kan verwerken, nieuwe informatie op kan nemen, je goed op kan letten en informatie opslaan in het  korte en lange termijn geheugen.

Uit onderzoeken blijkt dat hoe meer glutamaat je hebt, hoe intelligenter je bent. Een hoog gehalte aan glutamaatreceptoren wordt in verband gebracht met superieure vaardigheden in leren en geheugen (denk hierbij aan het syndroom van Asperger) Jammer genoeg worden ze ook in verband gebracht met een verhoogd risico op beroertes en aanvallen en vele andere problemen.

Alhoewel glutamaat een van de uitbundigste neurotransmitters is in de hersenen,  is het maar een heel kleine concentratie.  Als dit concentratiegehalte stijgt, worden de neuronen te geprikkeld en kunnen ze niet meer normaal werken. De glutamaat wordt dan een zenuwgif.  Dat betekent dat het glutamaat de hersenen en de zenuwen te veel stimuleert, dit veroorzaakt neurologische ontstekingen en de afbraak van cellen.

Teveel glutamaat

Een teveel aan glutamaat is de voornaamste oorzaak van een grote variëteit aan neurologische stoornissen zoals:

  • autisme
  • ALS
  • Parkinson
  • schizofrenie
  • migraine
  • rusteloze benen
  • Gilles de la Tourette
  • Fibromyalgie
  • MS
  • ziekte van Huntington
  • beroertes
  • atriale fibrillatie
  • slapeloosheid
  • bedplassen
  • hyperactiviteit
  • OCD
  • bipolaire stoornis
  • angststoornis
  • STIMS (herhalende zelfstimulerende gedragingen zoals heen en weer wiegen, niet stil kunnen staan, hand flapperen, speelgoed rond draaien of op rijtjes zetten, echolalie, zinnen herhalen of lichaamsbewegingen herhalen zoals vaak gezien wordt bij autistische mensen).

Te veel glutamaat verhoogt ook eosinofielen (dit is een speciaal type witte bloedcel) dit veroorzaakte ontstekingen, verzwakt de bloedvaten waardoor migraine ontstaat en de bloeddruk onregelmatig wordt. Het verzwakt ook andere gebieden in de hersenen zoals de hypothalamus, de hippocampus en purkinjecellen waardoor spraak en taal aangetast worden. Heb je regelmatig migraine waarbij je merkt dat je moeilijker kunt articuleren of hussel je dan woorden door elkaar? Dan kan jouw migraine veroorzaakt worden door een teveel aan glutamaat.

Een verhoogd glutamaatgehalte triggert de hersenen om natuurlijke opiaten (endorfine/enkefaline) vrij te laten en de hersenen te beschermen tegen schade

Hierdoor krijg je een zweverig gevoel en kan leiden tot een tekort aan natuurlijk opioïden en het put het glutathion gehalte uit, deze is essentieel voor het ontgiftingsproces, ontstekingen te beheersen en de darmgezondheid. Glutathion beschermt ook tegen schade bij neuronen, dus als de glutathion productie uitgeput wordt, worden de hersencellen niet goed beschermt en dit draagt dan weer bij aan meer stervende cellen.

 

Vraag een consult aan

 

Andere effecten van een te hoog glutamaat gehalte:

  • Hoge hoeveelheden glutamaat kunnen ook de onvriendelijke bacteriën in de darmen verhogen en  bijdragen aan maagzuur problemen door een teveel aan maagzuur.
  • Te veel glutamaat kan leiden tot te veel acetylcholine, dit is ook een stimulerende neurotransmitter, door te veel acetylcholine kun je angstig worden en slapeloosheid, rusteloosheid en nervositeit krijgen.
  • Kwik in het lichaam wordt giftiger als er grote hoeveelheden glutamaat aanwezig is. Te veel glutamaat activeert ook kankercellen om meer tumorcellen te produceren en om te overleven. Heb je amalgaam vullingen en een teveel aan glutamaat dan heb je meer last van het kwik dan anderen.

Wat is GABA?

GABA, gamma-amino boterzuur, is de belangrijkste kalmerende neurotransmitter. De belangrijkste rol is de hersenen te kalmeren, alles langzamer te laten verlopen en je te ontspannen.

Een van de manieren waarop het dit doet is door de alfa-golven in de hersenen te verhogen. GABA is ook belangrijk voor spraak en taal. GABA is letterlijk de pauze tussen twee woorden in. Je hersenen gebruiken GABA om prikkels te verwerken. Zonder een goede GABA productie zouden gesprekken bestaan uit een waterval van zinnen, onduidelijke uitspraak en zouden we moeite hebben met het begrijpen van taal. (Als kind was ik een echte broddelaar, als ik ergens heel enthousiast over was  begreep men soms niets van wat ik vertelde, ik praatte heel snel, sprak de woorden half uit  en plaatste woorden ook door elkaar. Nu heb ik het nog als ik migraine heb, halve zinnen en woorden, ik hoor mijzelf dit zeggen maar krijg het toch niet goed mijn mond uit>overload aan glutamaat!))

Je spijsverteringskanaal zit vol met GABA receptoren, de samentrekking van de spieren van de darmen (de peristaltische beweging) is afhankelijk van GABA. Heb je obstipatie doordat je darmen stilliggen, dan is een GABA tekort hier verantwoordelijk voor. Je krijgt buikpijn en je ontlasting wordt niet naar de endeldarm afgevoerd.

GABA zorgt ook voor een gezonde hoeveelheid immuuncellen, IgA (antilichamen die je darmen en slijmvliezen beschermen tegen schadelijke indringers) dat betekent dat ze bijdragen aan een gezonde immuniteit.

Bij onvoldoende GABA krijg je klachten als:

  • nervositeit
  • angst
  • paniekaanvallen
  • agressief gedrag
  • verminderd oogcontact
  • a-sociaal gedrag
  • aandachtstekort
  • problemen met het focussen van het oog (dit zie je bij autistische mensen, als beide ogen naar binnen gericht zijn of waarbij de ogen horizontaal of verticaal heen en weer bewegen)
  • chronische pijnsyndromen
  • het kan ook bijdragen aan brandend maagzuur door dat GABA nodig is om het onderste deel van de slokdarm te reguleren.
  • en nog veel meer…

Een te laag GABA gehalte kan een rol spelen bij:

  • alcoholisme
  • drugsverslaving
  • het verlangen naar suiker en koolhydraten, omdat deze producten tijdelijk en kunstmatig de GABA verhogen, dus onbewust wordt je hierdoor aangetrokken. (mensen die zeggen verslavingsgevoelig te zijn, hebben dus een neurotransmitter en dan voornamelijk GABA probleem).

Uiteindelijk zorgen al deze producten voor een uitputting van de neurotransmitters en hierdoor zal het probleem niet opgelost worden.

 

Meer informatie over de gevolgen van een teveel glutamaat en te weinig GABA

vind je in het E-book “Glutamaat en GABA in balans”.

INHOUD van het e-boek:

Wat is glutamaat en hoe werkt het?
Teveel glutamaat
Gevolgen van een te hoog glutamaatgehalte

Ontstekingen
Glutathion tekort
Darmdysbiose
Autisme
Gilles de la Tourette
Restless legs
Multiple Sclerose
Bijnieruitputting
Maagzuurtekort
Migraine
Taurine
Glutaminezuur en ammoniak
Fibromyalgie
Angst en nervositeit
Schizofrenie
Bipolaire stoornis
Insuline en diabetes
Degeneratieve hersenziekten
De ziekte van Parkinson
De ziekte van Huntington
ALS

Wat is GABA?

GABA en Glutamaat zijn met elkaar verbonden
Hypothalamus
Sympathisch en parasympathisch zenuwstelsel
De balans van GABA en Glutamaat 

GAD enzym 

Er zijn verschillende oorzaken van een verstoorde GAD activiteit:
Te veel Calcium
Glutamaat wordt omschreven als een geweer en het calcium als de kogels
Te weinig Calcium
Zware metalen en glutamaat
Kwik
Candida
Glycine
Glutamaat transporters
Taurine en candida
Andere factoren waardoor er onvoldoende GABA is
Serotonine tekort

Voeding
Vet
Schadelijke stoffen in voeding
Neuro-gifstoffen in de voeding
Meest voorkomende bronnen van excitotoxinen
Andere bronnen van excitotoxinen
Andere voedingsstoffen die excitotoxinen bevatten die schade aan zenuwen toe kunnen brengen zijn

Medicijnen die je GABA receptoren beïnvloeden

Andere factoren die bijdragen aan de onbalans
Pyrolurie
Chronische stress
Vitamine K 

VOEDING
Vrije glutamaat in voeding
Glutaminezuur
L-glutaminezuur
D-glutaminezuur
Glutamaat
UMAMI
Wat doet glutaminezuur?
Andere vormen van vrij glutaminezuur
Gist
Waarom is het giftig?
Voedingsmiddelen met een heel hoog glutamaatgehalte
Vrije glutamaat in voeding

GABA verhogen
Over GABA supplementen
Taurine voor meer GABA
Wanneer beter geen taurine gebruiken?
Epigenetica
Cofactoren aanvullen
L-theanine om GABA te verhogen
Norepinefrine en acetylcholine

In de praktijk: Hoe verhoog je  GABA

Referenties

Bijlage
Lijst van producten met vrije glutamaat (MSG) 53

Koop het e-boek in de webshop.

Wil je weten of ik je kan helpen? Bel dan op maandagochtend tussen 10 en 11 uur voor een gratis kennismakingsgesprek: 0613426644 of mail naar info@voedingsadviesrotterdam.nl

Vond je dit artikel nuttig? Deel het dan gerust.

Ik besteed veel tijd aan het schrijven van blogartikelen, dit doe ik graag, ik wil dat je goed geinformeerd wordt, ik zou niets liever doen dan voor jou schrijven. Ik verdien hier niets aan, helaas moet ik dan ook steeds meer tijd besteden aan andere (betaald) werk en daardoor kan ik minder schrijven. Wil je mij ondersteunen? Dan kan dat al vanaf eenmalig €1,00 of meer. Gewoon als teken van waardering, of omdat je meer wilt lezen van mijn hand. Jouw donatie besteed ik uiteraard aan tijd om goeie blogs te schrijven. Alvast, heel erg bedankt!

, Lisa

Naam*

E-mailadres*

Bedrag €*



 

Abshire VM1, Hankins KD, Roehr KE, DiMicco JA. Injection of L-allylglycine into the posterior hypothalamus in rats causes decreases in local GABA which correlate with increases in heart rate. Neuropharmacology. 1988 Nov;27(11):1171-7.

  1. Amoreaux WJ, Marsillo A, El Idrissi A. Pharmacological characterization of GABA receptors in taurine-fed mice. J Biomed Sci. 2010;17 Suppl 1:S14

El Idrissi A, L?Amoreaux WJ. Selective resistance of taurine-fed mice to isoniazide-potentiated seizures: in vivo functional test for the activity of glutamic acid decarboxylase. Neuroscience.2008 Oct 15;156(3):693-9.

Richard W Olsen and Timothy M DeLorey. GABA Synthesis, Uptake and Release – Basic Neurochemistry. 1999

http://www.ncbi.nlm.nih.gov/books/NBK27979/

Todd D. Prickett and Yardena Samuels. Molecular Pathways: Dysregulated Glutamatergic Signaling Pathways in Cancer. Clinial Cancer Research August 15, 2012 18; 4240

Dr. Amy Yasko, Autism: Pathways to Recovery. Neurological Research Institute, LLC 2004, 2007, 2009

Dr. Rick Sponaugle. Anxiety Disorder Causes

http://sponauglewellness.com/wellness-programs/anxiety/anxiety-panic-disorder-causes/

Dr. Datis Kharazzian. The Gut Brain Axis. http://digestionsessions.com/dr-datis-kharrazian/

Richard W Olsen and Timothy M DeLorey. GABA Synthesis, Uptake and Release http://www.ncbi.nlm.nih.gov/books/NBK27979/

Möykkynen, Uusi-Oukari M, Heikkilä J, et.al. Magnesium potentiation of the function of native and recombinant GABA(A) receptors. Neuroreport. 2001 Jul 20;12(10):2175-9.

Contrusciere, Paradisi S, Matteucci A, Malchiodi-Albedi F. Neurotox Res. 2010 May;17(4):392-8. doi: 10.1007/s12640-009-9115-0. Epub 2009 Sep 15. Branched-chain amino acids induce neurotoxicity in rat cortical cultures.http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/19763733

 

 

 

Serotoninesyndroom en (voedsel)verslavingen

Serotonine is voornamelijk bekend als de neurotransmitter waar een tekort aan is bij depressie, maar teveel aan serotonine geeft een reeks klachten die veel ernstiger kunnen zijn. Sterker nog de lijst van klachten is enorm lang! Dit is bekend als het serotonine-syndroom.

De ernst van de klachten is afhankelijk  of je een klein teveel hebt of een groot teveel aan sertonine. Bij een groot opstapeling van serotonine kunnen de klachten zo ernstig zijn dat je in een coma raakt en patienten op de Intensive Care kunnen belanden. Dit is dan meestal het gevolg van een te grote inname van serotonine medicatie in combinatie met bijvoorbeeld drugs, st.janskruid en/of voeding die serotonine verhoogd. Daarom is het altijd belangrijk om mensen te monitoren die anti-depressiva gebruiken.

De symptomen van een serotoninesyndroom:

  • onrustig gevoel
  • slaapstoornissen
  • beven
  • koude rillingen
  • hyperactiviteit
  • agitatie
  • hoge bloeddruk
  • waarnemings- en denkstoornissen
  • geheugenstoornis
  • semi coma
  • transpiratie
  • koorts
  • verwardheid
  • spierspanning of -trekking
  • diarree
  • roodheid
  • coördinatiestoornissen
  • snelle hartslag
  • griepachtig gevoel
  • spierpijnen
  • vermoeidheid
  • eetstoornissen
  • overgewicht
  • agressief gedrag
  • verslavingen
  • depressie
  • angsten
  • carcinoïd syndroom (zie artikel in het blad De natuur uw arts nr. 201 en op
    www.levendvoedsel.nl)
  • bloedvatvernauwing
  • flush ofwel blozen
  • verlegenheid
  • migraine
  • oversekst gedrag
  • spastische darm
  • ontstekingen
  • dwangmatig gedrag
  • schommelende bloedsuikerspiegel
  • stress
  • hoog gevoeligheid
  • gevoelig voor licht
  • spanningen
  • geluiden
  • aanrakingen
  • schrikachtig gedrag
  • fobieën zoals straat- of hoogtevrees
  • oedeem ofwel vasthouden van vocht
  • wisselende stemmingen
  • heftige emoties
  • vaak huilen
  • gevoelens van eenzaamheid
  • heimwee of gemis
  • hormonale stoornissen
  • snelle werking van de schildklier met als gevolg een snelle stofwisseling waardoor magerte kan ontstaan
  • snel en vaak verliefd raken
  • te euforisch gevoel ondanks het zich niet goed voelen
  • moeilijk bij emoties kunnen komen en daardoor deze niet verwerken
  • zonnebrand
  • obsessief gedrag
  • zich elektrisch geladen voelen
  • spierdystrofie
  • hersenbeschadiging door ontsteking aan het hersenslijmvlies
  • beschadiging hartkleppen
  • nierbeschadiging
  • overmatig zweten

Medicatie als  MAO-remmers (Mono-Amino-Oxidase) en SSRI’s (Selective Serotonin Re-uptake Inhibitors) kunnen dus voor een te hoog serotoninegehalte zorgen, maar uit de praktijk blijkt dat mensen met een erfelijk bepaalde overgevoeligheid voor biogene aminen vaak gevoelig zijn voor verslavingen, waaronder ook voedselverslaving. Dit wordt veroorzaakt door een verhoogd histamine- en een verlaagd serotoninegehalte.

Onbewust en onwetend zoeken zij, vaak al beginnend in de puberteit, juist naar die middelen die serotonine aanmaken zoals:

  • medicijnen
  • supplementen
  • suiker
  • complexe koolhydraten
  • serotoninerijke voeding
  • drugs
  • tabak en alcohol

Hiermee wordt het tekort aan serotonine aangevuld.

Ken je het gevoel dat je je onrustig voelt en je iets zoet wil eten. Of wat mensen vaak zeggen: ik zou echt niet zonder brood kunnen, of zonder suiker. Je weet niet waarom maar iedere keer als je vol goede moed aan een dieet begint, eindigt je dag toch weer met een koekje of een paar boterhammen, of je neemt toch weer een joint of een biertje. Je vraagt je af? Waarom kan ik het niet volhouden, waarom wordt ik zo chagerijnig als ik een dieet volg? Ook met een lowcarbdieet waarbij je onbeperkt mag eten van bepaalde voedingsmiddelen en je dus geen honger hoeft te hebben, sta je toch weer voor de voorraadkast.

Dit kan twee dingen betekenen:

  • dat je een tekort hebt aan voedingsstoffen en je lichaam blijft vragen naar gezonde voeding omdat je of niet genoeg gezonde producten eet, of omdat je lichaam de voedingsstoffen niet op kan nemen
  • dat je een serotonine-tekort hebt en je een onrust voelt waarvan je weet dat je die kunt stillen met voeding, drugs of alcohol. Heb je eenmaal iets genomen, ook al is het maar een boterham, dan voel je je daarna weer rustig en voldaan.
  • of allebei

Mensen met een tekort aan serotonine zijn extra gevoelig voor graan- en suikerverslaving, maar ook andere verslavingen. Door een verhoogd gebruik van genoemde middelen kan het serotoninesyndroom ontstaan.

  1. Om problemen te voorkomen is het verstandig om het serotonine- en histaminegehalte te laten bepalen en intolerantie voor biogene aminen op te sporen, bijvoorbeeld met behulp van bioresonantie.
  2. Daarna is het van essentieel belang om, met hulp van een voedingstherapeute, het voedingspatroon aan te passen en te kiezen voor een natuurlijke en gezonde leefstijl, zonder al die stimulerende middelen en voeding. Met een zogenaamd eliminatiedieet kan zeer veel bereikt worden.
  3. Verder is het heel belangrijk om een goed evenwicht te creëren tussen verstand en gevoel en emoties goed te verwerken, anders zetten deze zich om in stress in het lichaam. Stress heeft invloed op het vrijmaken van biogene aminen, zoals histamine en serotonine. Hierdoor wordt meer adrenaline geproduceerd, waardoor er stress en een vecht- of vluchtgedrag ontstaat. Stress en een teveel aan adrenaline putten het lichaam uit, met als gevolg chronische vermoeidheid.

Hoe ontstaat een serotonine tekort?

De oorsprong van een tekort aan serotonine ligt vaak al bij een erfelijke aanleg en een intolerantie voor de biogene aminen. Door invloed van individuele leef- en eetgewoonten
kan het serotonine- en histaminegehalte steeds veranderen.

Verkeerde voeding en leefstijl kunnen voor een tekort aan serotonine zorgen. Je hebt voldoende eiwitten nodig om serotonine aan te kunnen maken. Het proces loopt als volgt:

  1. Uit de voeding worden eiwitten gehaald.
  2. Eiwitten worden afgebroken tot aminozuren
  3. 5-HTP wordt uit het aminozuur tryptofaan gemaakt
  4. 5-HTP wordt in de hersenen én in de lever omgezet in serotonine

In dit proces kan het op verschillende stadia fout gaan:

  • In de maag waar de eiwitten met behulp van enzymen worden afgebroken tot aminozuren. Deze enzymen worden aangeleverd door de alvleesklier en de dunne darm.
  • De opname van de aminozuren in het bloed, dit gebeurt door de wand van de dunne darm. Is deze beschadigd dan worden voedingsstoffen niet goed opgenomen.
  • In de omzetting van tryptofaan naar 5-HTP, zowel in de lever als in de hersenen
  • In de omzetting van 5-HTP naar serotonine

Hoe ontstaat het serotoninesyndroom?

Mogelijke veroorzakers of uitlokkers
De volgende middelen verhogen het serotoninegehalte:

  • bepaalde antidepressiva waaronder clomipramine ofwel Anafranil
  • tranquillizers zoals Rohypnol en Lexatonil
  • medicijnen zoals tramadol, morfine
  • L-tryptofaan
  • lithium
  • cocaïne
  • sint-janskruid
  • voeding rijk aan biogene aminen waartoe serotonine en histamine behoren
  • biogene aminen-liberators
  • tabak.
  • alcohol remt ook het enzym mono-amino-oxidase (MAO), waardoor een slechte
    detoxificatie van de biogene aminen ontstaat. Hierdoor blijven te veel gifstoffen achter in
    het lichaam.

Conclusie:

Een tekort aan serotonine is niet goed en een teveel ook niet. Balans is zoals altijd het sleutelwoord. Het is moeilijk om precies de oorzaak te achterhalen van een tekort aan serotonine omdat het er in verschillende stadia iets fout kan gaan. Veel mensen hebben een tekort door een verkeerde voeding en leefstijl, serotonine is voor meer dan 90% actief in de het maag-darmkanaal en het bloed en maar 2% in de hersenen. Belangrijk is dus het maag-darmkanaal te herstellen en het bloed te zuiveren. De lever speelt hierbij ook een belangrijk rol.

Een voorbeeld van een voedingspatroon met een tekort aan serotonine:

Hoge suiker consumptie, bewerkte voeding, te weinig groenten, te weinig eiwitten, tekort aan: B1, B3, B6, foliumzuur en magnesium.

Factoren: Stress

Een voorbeeld van een voedingspatroon met een teveel aan serotonine:

Een dieet rijk aan: Sojaproducten, Kip, Amandelen, Pinda’s, Zonnebloempitten, Bananen, Pompoenpitten, Zilvervliesrijst.

Verhouding eiwitten-koolhydraten-groenten uit balans.

Factoren: Oestrogeendominantie

 

Bronnen:

  • Didy www.levendvoedsel.nl
  • Erik Mulder : hyperserotonemie en autisme http:www.pdd-nos.nl/columns/2006col/col_dec_06.html
  • Huibers, Jaap: Voedsel, oorzaak van lichamelijke en psychische ontregeling. Over biogene
    aminen in ons dagelijks voedsel, Ankertjesserie nr. 129 (helaas niet meer verkrijgbaar in de
    boekhandel)
  • Pfeiffer, Carl. C.: Nutrition and mental illness, vertaling: Voeding en psyche (alleen Engelse
    versie verkrijgbaar in de boekhandel)
  • Smith, T.A.: Food Chemistry, 6, 169-200, Amines in food, 1981
  • https://www.henw.org/archief/volledig/id425-serotonine-anders-bekeken.html
  • http://www.orthokennis.nl/nutrienten/5-HTP

Zware metalen ontgiften

Bij zware metalen denk je waarschijnlijk aan de industrie, uitlaatgassen, dikke rookpluimen uit raffinaderijen, maar het meeste gif wat we binnen krijgen zit in onze voeding.  Ja, echt waar. Lood, kwik, aluminium, arsenicum en cadmium zijn de grootste boosdoeners. Deze kunnen ons zenuwstelsel en orgaansystemen aantasten. De metalen komen in onze voeding door vervuilde landbouwgrond, water en lucht of vervuiling tijdens het bereidingsproces in fabrieken en voedselverpakkingen.

Nikkel

Nikkel komt in de natuur voor en vind je soms in voeding n water door toedoen van de mens. Een korte blootstelling aan nikkel kan allergische reactie geven. Dit zie je vaak bij goedkope sieraden en riemen waarbij nikkel is gebruikt als metaal. Bij onderzoeken onder dieren ziet men dat het mogelijk de ontwikkeling en reproductieve organen aantast.

Kwik

In Januari 2015, publiceerde de EFSA(European Food Safety Authority) een statement over de risico’s en voordelen van zeewier, waarbij gekeken werd naar de aanwezigheid van methylkwik.  De beste manier om minder kwik binnen te krijgen is vissen die veel kwik bevatten te minimaliseren. Dit zijn vooral roofvissen zoals zwaardvis, tonijn, snoek en heek.

 

Je kunt je tegen zware metalen tegen beschermen:

  • Begin met het eten van onbewerkte voeding en biologische producten, liefst uit eigen moestuin. Deze bevatten meer voedingsstoffen.
  • Een hoge inname van vitamine C en chlorofyl (groen bladgroenten), zorgen voor minder kans op opstapeling van de zware metalen.
  • Drink gefilterd water.
  • Gebruik geen chemische creme’s, shampoo’s etc.
  • Neem kelp- of algensupplementen. Lees de blog over kelp voor meer info.
  • Of neem speciale supplementen die helpen de zware metalen af te voeren.
  • Ga sporten, zweet! Zweten is dé manier om je ontdoen van zware metalen. Een sauna werkt ook goed. Mensen die veel zweten hebben vaak een kwikstapeling in hun systeem. Voor hen zou het goed zijn veel te sporten, gezond te eten en daarnaast supplementen te nemen om te ontgiften van zware metalen.

Je lichaam neemt zware metalen op dezelfde manier op als sommige voedingsstoffen, zoals calcium. Als je bijvoorbeeld een tekort hebt aan ijzer of zink, kan je lichaam makkelijker zware metalen als cadmium opnemen. Daarom is het des te belangrijker om te zorgen dat je voldoende mineralen binnenkrijgt. Een goed dieet met veel biologisch fruit, (donkere blad) groenten, bonen, volle granen en biologisch vlees, noten en zaden zorgt in principe voor voldoende voedingsstoffen. Je kunt dit aanvullen met chlorella en spirulina, deze binden zich o.a. aan kwik en voeren het af.

Denk ook aan je pannen, hierdoor kun je ook giftige metalen in binnen krijgen. Vermijd teflon koekenpannen. Keramische pannen zijn echt de moeite waard!

Als laatste wil ik nog waarschuwen voor vaccinaties, deze bevatten vaak zware metalen, vooral kwik , als vulmiddel voor de houdbaarheid. Hierdoor kunnen kleine kinderen als op jonge leeftijd een kwik overdosis krijgen met alle gevolgen van dien. Vraag bij een vaccinatie altijd of er kwik in verwerkt is.

 

Supplementen die helpen ontgiften:

Selenium kan je best gebruiken onder de vorm van selenomethionine of selenocysteïne.  De selenium van Vitals, verkrijgbaar bij met korting, bevat 200 mcg selenium per capsule. Dit is een hoge dosering. De capsules zijn makkelijk te openen en je kunt ook de helft van de inhoud door wat water mengen.

Selenium wordt ook in preparaten speciaal voor zware metalen ontgifting aangeboden.

MercuClean van Funciomed:

L-glutathion (gereduceerd) 50 mg
N-acetyl-L-cysteïne 200 mg
taurine 75 mg
magnesium citraat 78,13 mg
selenomethionine (selenium 26 microgram)

Al deze stoffen ondersteunen de ontgifting van de lever.
DeMerTox (Nutrifarma) is ook een goed preparaat, deze bevat 100 mcg selenomethionine

L-Glutathion (gereduceerd) …………………………………….. ….. 50 mg
N-Acetyl-L-cysteïne ………………………………….. .. ………… 500 mg
Dietary Zwavel (MSM) ……………………………………… ……… 500 mg
Selenomethionine ……………………………………….. ………. 100 mcg
Biotine …………………………………………. ………………………… 200 mcg
Thiamine …………………………………………. …………………….. 25 mg
Riboflavine …………………………………………. ………………….. 10 mg
Knoflook …………………………………………. ……………………….. 250 mg
Peterselie …………………………………………. ……………………… 100 mg

 

Paleo/ glutenvrij/ graanvrije/GAPS Knofloofsoep

knoflooksoep

Als je van knoflook houd is deze soep echt heerlijk! Dit  recept is een milde verse, het bevat slechts 1 bol knoflook, er zijn ook recepten waar je op één liter bouillon 6 bollen knoflook gebruikt. De knoflook wordt in de oven geroosterd of gepoft, hierdoor worden ze heel zacht van smaak en is het heftige van rauwe knoflook er af en blijft een zoete knoflooksmaak achter.

Het recept bevat geen zuivel, geen granen en je kunt het gebruiken in de introductiefase van het GAPS dieet, Dan moet je wel het recept een beetje aanpassen: Je kookt de bloemkool en knoflook dan zachtjes gaar in de bouillon in plaats van in de oven. In de introductiefase van het GAPS dieet moet je namelijk alles koken en mag je niets bakken. Dit is beter voor de darmen.

Lees hier meer over het GAPS dieet.

Gebruik voor het recept echte kippenbouillon, geen blokjes bouillon. Deze bevatten gistextract wat niet goed is voor je lichaam. Je kunt het recept hier nalezen. Maak de kippenbouillon op een rustig moment, bijvoorbeeld als je toch een avondje tv zit te kijken ofzo. En bewaar de bouillon in porties in de vriezer. Zo heb je altijd kippenbouillon op voorraad voor een lekkere soep.  Zelfgemaakte kippenbouillon heeft, zo weten ons opa’s en oma’s maar al te goed, sterk helende eigenschappen.

Je kunt het recept natuurlijk ook met groentenbouillon maken. Dit smaakt ook prima, maar dan heb je niet het herstel in je darmen.

Knofloofsoep

Ingredienten

  • 10 - 15 tenen knoflook, zeg maar 1 bol, ongepeld
  • 1 bloemkool, in roosjes
  • 7 eetlepels boter of kokosolie
  • 2 theelepels zeezout
  • 2 theelepels gedroogde basilicum
  • 2 uien, grof gehakt
  • 1 liter kippenbouillon
  • tijmblaadjes,vers
  • extra vierge olijfolie

Bereiding

  1. Verwarm de oven voor op 200 graden.
  2. Doe de bloemkoolroosjes en de ongepelde knoflookteentjes in een grote kom.
  3. Smelt in een steelpan 3 eetlepels boter of kokoslolie en schenk dit over de groenten. Schep om zodat alles groenten bedekt is met vet.
  4. Stort de groenten op een bakplaat of ondiepe bakschaal en rooster in 30-40 minuten gaar.
  5. Smelt de rest van de boter of kokosolie in een grote soeppan en bak de uien hier n. Voeg de gedroogde basiclicum toe en de kippenbouillon en breng aan de kook.
  6. Doe de geroosterde bloemkool erbij.
  7. Pel de knoflook en de deze er ook bij.
  8. Pureer de soep met een staafmixer en kook nog 5 minuten.
  9. Breng de soep op smaak met zout en peper.
  10. Strooi er verse tijm over (gedroogd kan ook, maar vers is lekkerder) en bedruppel met goede olijfolie.
  11. Serveer...heerlijk!
https://voedingsadviesrotterdam.nl/paleo-glutenvrij-graanvrijegaps-knofloofsoep/

Helende kippenbouillon

Kippenbouillon staat door de eeuwen heen bekend als de basis voor traditionele helende soepen in culturen over de hele wereld. De botten en het vlees van gezonde, biologische kippen die op het land hebben kunnen scharrelen bevatten een geweldige hoeveelheid micro-nutrienten, aminozuren, antioxidanten en mineralen die allemaal in de bouillon komen als de bouillon op een lage temperatuur getrokken wordt. Het resultaat van het lange trekken is een immuunversterkend bouillon die heel goed helpt bij mensen die zich ziek en zwak voelen of die geen eetlust hebben.  Het levert echt een pan vol aan voedingsstoffen die helpen bij het helingsproces. Eet elke dag biologische kippensoep en je hebt geen supplementen nodig.

 

Het verschil tussen kippen-bottenbouillon en gewone kippensoep

De kooktijd en de temperatuur zijn een belangrijk verschil. Een goede bouillon staat uren te trekken, hoe langer je trekt hoe meer mineralen er uit de botten kunnen komen.  De botten kunnen zelfs zacht worden als de bouillon 12-24 uur wordt gekookt. Als je niet zoveel tijd hebt of als je spijsverteringsproblemen hebt zoals een lekkende darm, dan kun je  kippensoep maken. Het is hetzelfde recept, alleen kook je de soep dan 2-4 uur

De temperatuur speelt een cruciale rol in het maken van kippenbouillon,  bij het begin wordt de soep niet verhit tot het hard gaat koken,  de soep moet zachtjes koken, dan zet je het vuur laag en zet je de pan op het kleinste pitje en laat het zachtjes pruttelen. Je kunt de soep ook in een slowcooker doen of in de oven zetten. De lage kooktemperatuur beschermt het kraakbeen en zorgt dat voedingsstoffen beter bewaard blijven. Door de bouillon op deze manier te koken ontstaan er ook minder vrije glutamaten, wat zeker voor mensen met een heel gevoelige spijsvertering belangrijk is.

kippenbouillon

De kracht van kippen-botten-bouillon

  • rijk aan gelatine, dit helpt bij de vertering en heelt de darmwand
  • bevatten helende aminozuren:
    • proline  – sleutelcomponent  bij weefselherstel
    • glycine – helpt bij ontgifting van de lever
  • heelt en versterkt bindweefsel
  • helpt bij het produceren van maagzuur voor een goede vertering
  • bevat collageen die de huid en gewrichten voedt.
  • bevat veel vitamine A,D en K (dit heel de darmen)
  • bevat veel mineralen, vooral calcium magnesium en fsfor die essentieel zijn voor gezonde botten.

Helende kippenbouillon

Ingredienten

  • 1 hele biologisch scharrelkip
  • 2-4 kippenvoetjes van vrije uitloopkippen (optioneel)*
  • 4 liter water (of meer om je pan te vullen)
  • 2 tl citroensap of appelazijn (bio) per 4 liter water o
  • 4-8 peperkorrels (bio)
  • 1-2 tl Sel de guerande (zeezout)
  • 4 uien, in kwarten
  • 8 biologische wortels in grote stukken
  • 2-4 biologische courgettes, in grote stukken
  • 6 stengels biologische bleekselderij, in grote stukken
  • 10 cm verse gember, geraspt
  • 5 tenen knoflook
  • 1 grote bos peterselie, toevoegen, 15 minuten voor einde kooktijd.
  • *Kippenvoetjes bevatten de meeste gelatine van het dier en dit wordt in de Joodse tradite gezien als het geheim van een goede medicinale kippenbouillon.

Bereiding

  1. met een aanpassing voor kippensoep)
  2. Doe de hele kip en de voetjes in een grote soeppan, van glas of RVS
  3. Vull met het water, het water moet de kip bedekken met minstens 5 cm en er moet nog ruimte zijn om de groenten erbij te doen.
  4. Voeg het citroensap of appelazijn toe (dit helpt om de mineralen uit de botten te trekken)
  5. Laat dit 1 uur staan zonder te verwarmen.
  6. Breng aan de kook tot het zachtjes kookt. Zorg dat het niet hard gaat koken. Zet het vuur laag en laat de bouillon pruttelen
  7. Schep schuim af met een schuimspaan.
  8. Voeg alle overige ingredienten toe, behalve de peterselie en laat het zachtjes koken.
  9. Kook de bouillo 1-2 uur tot dat de kip zacht genoeg en je het vlees makkelijk van het bot kunt halen.
  10. Gebruik een tang en een grote spatel om de kip uit de pan te halen, laat het boven de pan even uitlekken.
  11. Verwijder de huid en gooi weg. Haal de botten eruit en bewaar het kippenvlees, deze kun je gebruiken voor andere gerechten, salades of later aan de soep toevoegen.
  12. Doe de botten terug in de soep.
  13. Laat de kippenbotten 12-24 uur trekken voor de bottenbouillon. Als je liever gewone kippensoep maakt dan kun je 1-4 uur laten trekken.
  14. Voeg de peterselie 15 minuten voor het einde van de kooktijd toe.
  15. Verwijder de botten en kippenvoetjes en gooi ze weg.
  16. Verwijder de groenten. als je ze nog wil gebruiken, laat ze dan afkoelen.**
  17. Geef de bouillon tijd om af te koelen.
  18. Gebruik de bouillon voor kippensoep. of vries het in voor een later tijdsip.
https://voedingsadviesrotterdam.nl/helende-kippenbouillon/

 

   Shop voor deze handige kruidenbuil om bouillon mee te trekken.

Bestel deze VITAMIX BLENDER in de webshop

Het gebruiken of invriezen van kippen-botten bouillon

  • Bewaren in de koelkast: Doe het in glazen potten, het blijft 7-10 dagen goed.
  • Invriezen: Laat de bouillonvoolledig afkoelen. Vul een glazen pot en laat 2,5 cm leeg aan de bovenkant. Zo vriest het glas niet kapot als het vocht uitzet in de vriezer.  Pyrex potten en gerecyclde potten met een wijde opening werken prima voor het bewaren van  bouillon.
  • Gebruiken: Ontdooi de bouillon (als het bevroren is) en gebruik voor soepen en andere recepten waar kippenbouillon voor nodig is.  Je kunt de bouillon ook zo gebruiken als tussendoortje. Het is ook heel goed om te drinken als je ziek bent.
  • Geldbesparende tip: In plaats van extra groenten te kopen voor je soep kun je ook de groenten afval bewaren van andere gerechten. Deze kun je invriezen tot gebruik. Haal ze uit de vriezer en doe ze in de pan als je bouillon gaat maken. :uienschillen, bleekselderij, wortelstukjes, kapjes van de courgette. Net wat je gebruikt hebt. je kunt ze in een glazen pot doen en in je vriezer tot je ze wilt gebruiken. Je kunt ook geld besparen door de kippenkarkassen te bearen als je een keer hele kip hebt gegeten. Verwijder het vlees en bewaar de botten in de vriezer en versterk de volgende bouillon met extra botten.o

* Om maximaal van de voedingsstoffen van de ingredienten te profiteren bewaar je de groenten en pureer je deze. Doe hiervoor de groenten in een blender en voeg er water bij.  Blende het glad. Verwarm het, voeg er zout en peper naar smaak bij en drink het als tussendoortje.  Ook dit kun je weer in de vriezer bewaren of in de koelkast, dan is een week houdbaar.

SCHRIJF JE IN VOOR DE NIEUWSBRIEF

Bron

Rauwe groenten en darmklachten

Als je darmklachten hebt en je wilt je eetgewoonten verbeteren, dan denk je misschien: ik ga veel salades eten en groene smoothies en dan komt alles weer goed, want vezels zijn goed en in rauwe groenten zitten de meeste voedingsstoffen.

Maar als je darmen ernstig ontstoken zijn en je diarree hebt zijn al die vezels veel te prikkelend. Je darmen kunnen dit niet goed afbreken. Iedereen reageert weer anders op bepaalde voedingsmiddelen, maar bij ernstige ontstekingen is het beter om tijdelijk geen groenten te eten.  Als je serieuze darmklachten hebt, kun je het GAPS dieet doen. Met dit dieet herstel je de darmwand en de darmflora. Dit doe je stap voor stap.  Je begint met een paar voedingsproducten en voegt steeds iets van groenten en eiwitten toe, waarna je kijkt hoe je darmen hier op reageren.

De eerste stap is soep, liefst kippensoep getrokken van biologische scharrelkippen, met goed gaar gekookte groenten. Bij ernstige diarree laat je de groenten achterwege totdat de diarree stopt. Daarna kun je groenten toe gaan voegen. Dit doe je onder begeleiding waarbij we stap voor stap bepaalde voedingsmiddelen uitproberen.

Bij stap twee kun je verse groentesappen erbij nemen.

En stap drie ook gekookt fruit. Fruit bevat suiker en vezels en is daarom dubbel belastend voor de darmen. Daarom moet je hier heel voorzichtig mee zijn.

Het herstel van je darmen kan een tot twee jaar duren, bij sommige mensen duurt het langer. Maar ja, je klachten zijn ook niet in één dag ontstaan. Gelukkig hoef je niet zo lang te herstellen als dat het geduurd heeft dat je ziek werd van voeding.

Het GAPS dieet is geschikt voor mensen met het Prikkelbare Darm Syndroom, de ziekte van Crohn, Colititus Ulceroca, Coeliakie. Maar ook voor mensen met allergien, eczeem, hooikoorts en astma.  Het dieet is ontwikkeld om de darmen te herstellen bij mensen met psychische stoornissen als ADHD, autisme en schizofrenie, omdat de darmen een grote invloed hebben op onze psychische gezondheid.

Ik zet het dieet in bij mensen waarbij een orthomoleculair voedingsadvies niet afdoende werkt. Zo kunnen we stap voor stap achterhalen wat voor jou werkt. Voeding is heel persoonlijk en alleen als je er de tijd voor neemt om je eigen lichaam te leren kennen, kun je werkelijk genezen. Uiteindelijk is het doel: genezen doordat de darmen helemaal hersteld zijn  zodat je weer alles kunt doen en eten wat je wil, mits in het redelijke.

Heb je darmklachten of een van de psychische stoornissen zoals hierboven beschreven, en wil je weten of het dieet voor jou geschikt is?

 

Neem dan contact met mij op via info@voedingsadviesrotterdam.nl

 

Ketogeen dieet helpt bij schizofrenie, bipolaire depressie en epilepsie

dreamstime_l_48589642

Meestal als mensen mij advies vragen over voeding adviseer ik ze veel groenten te eten, weinig koolhydraten en matig vlees. Het Paleodieet adviseer ik vaak bij mensen met darmproblemen en mensen met stoornissen als depressie, ADHD en autisme. Het verschil met low-carbdieten, ketogeen dieet en paleodieet is dat je bij low-carb niet perse let op de hoeveelheid eiwitten, sommige mensen eten heel veel vlees, hier vallen ze dan vanaf, maar hun lichaam is er niet blij mee. Het ketogeen dieet bevat veel groenten, matig vlees en veel geonde vetten, wat goed werkt bij de meeste mensen. Bij het paleodieet gebruik je geen zuivel, dit is nog een stapje verder dan het ketogeen dieet omdat je dan geen lactose binnenkrijgt, iets waar veel mensen last van hebben zonder het te weten. Veel mensen met darmproblemen knappen op als ze naast gluten ook lactose verwijderen uit hun dieet. Of het is zo dat een beetje gluten en lactose kan, maar grote hoeveelheden niet. Dit is een kwestie van uitproberen.

Er wordt de laatste jaren veel gezegd en geschreven over hoe voeding psychologische stoornissen als ADHD/autisme en Schizofrenie kan beinvloeden. Ik geloof er zelf ook heilig in, maar dat doet lang nog niet iedereen, simpelweg omdat het nog niet wetenschappelijk is vastgesteld en er nog niet veel in de media over is geschreven. De kranten en het nieuws op tv promoten helaas nog steeds de voedingsrichtlijnen van het voedingscentrum.

Gelukkig zijn er steeds meer artsen en onderzoekers die de ontwikkelingen op voedingsgebied wel volgen en onderzoeken starten naar deze beweringen. Zo is er in Australie, op de James Cook University een onderzoek uitgevoerd naar het ketogeen dieet en het effect op schizofrenie, bipolaire depressie en epilepsie. Het bleek dat bij muizen het ketogeen dieet de symptomen van chronische hersenstoornissen vergelijkbaar met schizofrenie dramatisch reduceerden.
Alhoewel er meer onderzoeken nodig zijn,zijn de wetenschappers van mening dat het ketogeen dieet pathologische gedragingen (gedrag als gevolg van verstoringen in je fysieke lichaamssysteem) kan verminderen. Dit onderzoek werd gepubliceerd op de website van Schizophrenia Research, de website van het onderzoekscentrum ter behandeling van schizofrenie.
“Het ketogeen dieet helpt bij overgewicht, hart- en vaatziekten en type 2 diabetes en we zien dezelfde werking bij medicijnen die worden gegeven om schizofrenie onder controle te houden.” aldus Dr. Zolan Sarnyai in een persbericht. “De meeste energie haal je uit vet. Dus een dieet moet boter, kaas en zalm bevatten.” Dr. Zolan is een academische arts met een PhDgraad.

dreamstime_xl_63114421
Het ketogeen dieet wordt al sinds 1920 gebruikt om epilepsie bij kinderen te behandelen en het dieet werd populair toen bleek dat je er heel goed vet mee kon verbranden en obesitas er mee kon bestrijden. Psychiaters zeggen dat een ketogeen dieet ook helpt om depressie en bipolaire stoornissen kan verminderen. “Er zijn veel mensen die zeggen dat ze depressief zijn, maar dit eigenlijk niet zijn.” aldus Rif El-Mallakh, een docent aan de University of Louisville School of Medicine in de V.S. “Ik denk dat mensen depressie verwarren met energie, of bloedsuikerdips met stemmingswisselingen, maar ze hebben waarschijnlijk geen mentale ziekte. Deze mensen zijn beter af met alleen een dieetinterventie.”
Dr. El-Mallakh zei dat meerdere van zijn patienten met een bipolaire stoornis verlichting vonden met het ketogeen dieet waarbij veel vet, weinig koolhydraten en een matig eiwit wordt gegeten.
Meerdere doctoren en psychiaters zien dramatische effecten op de hersenfunctie en het gemoed door het aanpassen van het dieet en het gebruik van olijf-, kokosolie en boter hebben eigenschappen die de neurologische functies beschermen.
Veel mensen met een depressie zullen dit idee in eerste instantie niet omarmen, want zij voelen zich echt waardeloos en depressief. En het is ook niet bij iedere depressie zo dat deze puur door voeding komt. Maar bij mensen die in hun leven geen reden hebben om depressief te worden en het toch zijn, kan voeding heel goed de oorzaak zijn. Wel is het zo dat veel mensen psychologisch zware klappen te verduren krijgen. En iedereen gaat hier anders mee om. de een wordt depressief, de ander zit even in de put maar krabbelt weer op en gaat weer verder. Op dit punt denk ik dan: Hoe eten beiden personen? Eten ze allebei heel gezond? Kunnen hersenen genoeg neurotransmitters aanmaken? Bij de persoon die opkrabbelt waarschijnlijk wel, bij de depressieve persoon waarschijnlijk niet.

Het is niet voor niets dat er, nu er zoveel mensen lichamelijk ziek worden er ook zoveel mensen psychische stoornissen en klachten hebben. Deze twee kun je niet los van elkaar zien. Heb je zelf psychische en/of lichamelijke klachten? Denk dan aan eens aan goed dieetadvies, echt, je kunt er zelf iets aan doen en ik kan je daarbij helpen.